Interview door Esther Goedegebuure
Christina en Esther zijn twee zussen die allebei hun weg hebben gevonden in het hbo: Christina studeert Human Resources en Esther rondde Verpleegkunde af en volgt nu een master tot praktijkondersteuner in de huisartsenzorg. Aan hun zijde staat coach Roos Dael, die met haar achtergrond in talentontwikkeling en HR haar ervaring inzet om hen te begeleiden in hun studie, keuzes en persoonlijke groei. Wat begon als een coach-studentrelatie, groeide uit tot een hechte band waarin vertrouwen, ontwikkeling en wederzijdse inspiratie centraal staan.
Esther:
Roos en ik hadden meteen een klik, ze was zo spontaan en energiek, warm en open. Vanaf het eerste moment is ze een moederfiguur voor me geweest met wie ik heel fijn kon praten en bij wie ik terecht kon voor advies. Ze heeft me ook altijd gestimuleerd om hulp te vragen aan anderen op de momenten dat ik vastliep, iets waar ik voorheen nooit zo goed in was. Ik ben iemand die gewend is alles alleen op te lossen. Maar als ik veel stress ervaar sla ik dicht, dan kan ik niet meer goed nadenken. Op zulke momenten is mijn coach Roos er echt voor mij geweest. Ze voelde altijd haarfijn aan als het niet zo lekker ging en drong er dan op aan om aan te kloppen bij anderen. Bijvoorbeeld toen mijn moeder, zusje en ik onze woning kwijtraakten. Via Stichting Anne-Bo heb ik me toen kunnen inschrijven bij studentenhuisvesting en kreeg ik uiteindelijk een eigen kamer. Dat de stichting collegegeld voor mij is gaan betalen betekende een zorg minder.
Ook wat het studeren betreft is het contact met een coach stimulerend. Roos heeft regelmatig geholpen met het maken van planningen en toen ik mijn scriptie moest schrijven gaf ze nuttige feedback. Verpleegkunde is een hele pittige opleiding en ik heb bij haar regelmatig mijn frustratie kunnen uiten. Ook als het niet lekker liep met een stagebegeleider bijvoorbeeld, gaf ze me een nieuw perspectief, hoe ik dingen bespreekbaar kon maken of anders kon aanpakken.
Inmiddels doe ik een hbo-master om praktijkondersteuner van een huisarts te worden. Als meisje droomde ik ervan om huisarts te zijn, met mijn eigen dokter had ik ook altijd goed contact als ik stres op school had, of in de periode dat ik mijn adhd-diagnose kreeg. Het patiëntencontact trok me enorm aan. Maar op het vwo was ik wel goed in exacte vakken alleen niet in talen, dus ben ik overgestapt naar havo en uiteindelijk HBO-V gaan doen. Een praktijkondersteuner neemt uitvoerende taken over van de huisarts bij chronische zieken en patiënten met psychische klachten. Je bouwt in die rol echt een langdurige relatie op met de patiënten en hun families, dat trekt me aan. In een ziekenhuis ben je vaak aan het zorgen voor hele zware gevallen, in deze functie zie je mensen beter worden. Je volgt ze ook als het goed gaat.
Mijn stage liep ik in Ghana, het was een grote wens om in het buitenland te werken en omdat ik Nigeriaanse roots heb was het voor mij extra bijzonder om in Afrika in een ziekenhuis te kunnen werken. Tijdens die drie maanden heb ik ook een project opgezet met drie andere studenten, waarbij de basisscholen een first-aid kit konden doneren en voorlichting gaven over de meest voorkomende kinderziektes. Het was een hele bijzondere ervaring.
Omdat ik ook altijd interesse heb gehad in economie, ik twijfelde zelfs een poos over een managementopleiding, denk ik ook wel eens aan het combineren van de zorg met ondernemen. Bijvoorbeeld door het opzetten van een zorghotel.
Ik ben iemand met heel veel plannen en ideeën, vind heel veel verschillende dingen leuk en wil eigenlijk alles uitproberen.
Als ik aan Anne-Bo denk dan denk ik aan vrijheid. Dankzij de stichting voel ik vrijheid om me te richten op mijn ambitie, om te zijn wie ik wil zijn.
Christina:
Mijn coach Roos is in één woord geweldig. Behalve super lief is ze ook oprecht geïnteresseerd in alles wat ik haar vertel. Je merkt dat ze dit werk vanuit haar hart doet. Mijn vriendinnen aan wie ik haar voorstel zijn ook altijd helemaal weg van haar.
Roos was de coach van mijn één jaar oudere zus Esther. Ik leerde haar kennen toen ik net een paar maanden bezig was met de hbo-opleiding Human Resources, wat ook de achtergrond is van Roos, dus dat paste heel erg goed. Na de havo was ik begonnen aan een studie sociaal werk. Ik wilde graag iets met mensen doen maar deze opleiding was heel erg gericht op het steunen van iemand in een negatieve fase in het leven, dat vond ik zwaar. Ik wil wel heel graag mensgericht werken maar niet teveel gefocust zijn op problemen. Dus ben ik al gauw gestopt met de opleiding, geld gaan verdienen en heb dat jaar mooie reizen gemaakt naar Portugal en Schotland. Daarna begon ik aan Human Resources en dat pakte gelukkig goed uit. Het is een hele leuke, brede studie waarmee je overal aan de slag kunt, want iedere organisatie heeft tenslotte een hr-afdeling.
Mijn afstudeerscriptie schrijf ik over diversiteit en inclusie, een populair en actueel onderwerp bij veel bedrijven. Het afstudeeronderzoek doe ik daarvoor bij Muziekgebouw aan het IJ, de culturele organisatie waar ik al jaren een bijbaantje heb. Ik werk er zeker 3 dagdelen per week en ben inmiddels teamleider bij de afdeling publieksservice. Dat betekent dat we de zalen ombouwen en gasten ontvangen bijvoorbeeld. Vanwege mijn studie mocht ik het afgelopen jaar ook een nieuwe manier van inwerken bedenken, het was heel leuk dat ik mijn collega’s kon laten zien wat ik nog meer kan en ik kreeg fijne complimenten van de hr-afdeling.
Voor mij is de Stichting Anne-Bo echt een vangnet. Roos en de anderen vrouwen staan altijd voor je klaar. Mijn moeder is natuurlijk een goeie steun maar zij heeft zelf ook veel aan haar hoofd, ik wil haar niet altijd belasten. Het is fijn dat er meer mensen zijn bij wie ik terecht kan, bij wie ik me nooit te veel voel als ik hulp vraagt. Roos is een professional, die ook op dat niveau met me meedenkt. Als ik haar vertel over mijn scriptie stuurt ze me meteen artikelen. Als ik vastloop met een gesprek met iemand geeft ze me tips hoe ik het ook aan kan pakken.
Een van de fijnste dingen van Stichting Anne-Bo is het sociale aspect. Op de bijeenkomsten heb ik zoveel leuke meiden ontmoet met wie ik goed bevriend ben geraakt. Natuurlijk leer je via je studie ook mensen kennen maar de vriendschappen die je via Anne-Bo maakt zijn anders. De meiden daar begrijpen elkaar. Studenten vaan mijn leeftijd zeggen vaak, ‘doe wat je wil’, of ‘kies wat je leuk vindt’. Maar veel meisjes zoals ik, met ouders die een andere culturele achtergrond hebben, voelen vaak de druk om het altijd goed te doen, hoge cijfers te halen, verwachtingen waar je maken. Onze ouders hebben heel vaak dingen moeten opgeven, waardoor wij bepaalde dromen ook voor hen moeten of willen waarmaken. Wij snappen dat van elkaar en kunnen elkaar steunen.
Als ik aan Anne-Bo denk, dan denk ik aan een gemeenschap waar je je zelf kunt zijn, ongeacht waar je vandaan komt of hoe je eruit ziet, het is een plek waar je altijd welkom bent.
Roos:
Tot ik in 2021 stopte met werken, heb ik me altijd met talentontwikkeling beziggehouden, vooral voor de topmanagers bij de Rijksoverheid. Ik spreek graag met mensen hoe ze omgaan met wat ze in huis hebben. Ook als ik praatje maak met jongelui in de supermarkt bijvoorbeeld, ben ik altijd benieuwd wat ze naast dat baantje nog meer doen met hun leven. Het ligt me aan het hart om jonge mensen verder te helpen, daarom vind ik Annemiekes initiatief ook zo prachtig.
In eerste instantie werd ik als coach voorgesteld aan Esther, later ben ik ook haar zusje Christina gaan begeleiden. Esther deed een hbo-verpleegkunde, ze is inmiddels afgestudeerd en volgt nu de opleiding tot praktijkondersteuner in de huisartsenzorg. Christina studeert Human Resources en omdat dat ook mijn achtergrond is en ik haar en haar moeder goed kende, lag het voor de hand dat ik ook met haar over haar plannen zou praten. Ondertussen heb ik een hechte band met het hele gezin.
Het zijn ongelofelijk slimme, leuke meiden, die op het moment dat ik ze leerde kennen, bijna dakloos waren omdat ze hun huis in de Bijlmer uit moesten. Met z’n drieën trokken ze in bij het gezin van een oom, wat voor studerende meisjes natuurlijk een penibele situatie was. Dankzij de inzet van de Stichting Anne-Bo kwamen ze gelukkig in aanmerking voor een eigen kamer via Duwo. Hun moeder studeerde ook, mbo-verpleging, terwijl ze werkte in het ziekenhuis. Ook zij is echt een kanjer.
Aan intelligentie heeft het de meiden nooit ontbroken en aan inzet en daadkracht ook niet. Esther had bijvoorbeeld naast haar studie een bijbaantje in een verzorgingstehuis. Ze had het er moeilijk mee als bewoners die ze de dag daarvoor bij wijze van spreken nog had verzorgd, stierven. In de opleiding hadden ze het over professionele afstand maar zij is meer van professionele nabijheid. Haar warmte en betrokkenheid raken me. Ze schreef haar scriptie over het omgaan met overlijden van bewoners en de rouw van nabestaanden. Anderzijds is ze ook heel pragmatisch, heeft allerlei ideeën over het opzetten van een zorghotel voor ouderen. Esther is een ondernemende, geïnteresseerde, slimme vrouw met een heel rijk sociaal leven en heel veel energie. Net als haar zus werkt ook Christina zich te barsten. Ze is teamleider bij cultureel centrum Muziekgebouw aan het IJ in Amsterdam, Esther werkt als freelancer in de zorg.
Wat deze meisjes minder hadden is een netwerk of sociale steun. Hun moeder is hartstikke slim en een supercoach voor die twee meiden maar komt uit Nigeria en kent het onderwijssysteem niet. Ik kan met ze sparren over de manier van studeren. Als er gedoe is met begeleiders van scripties of discussie over cijfers, dan bereid ik het gesprek met ze voor. Ik wijs ze op hun rechten en plichten. Als coach ben ik er ook voor een beetje morele support. Dus we gaan ook gezellig samen uit eten om bij kletsen bij over het leven, vriendjes, dingen die jonge vrouwen nu eenmaal meemaken.
Het zijn indrukwekkende meiden, alle twee, als ze ziet wat ze voor elkaar krijgen en daarnaast trouw blijven aan zichzelf. Hun geloof is belangrijk voor ze, veel dingen hebben ze zelf in huis. Mijn relatie met die meiden zie ik eigenlijk gewoon als een plus. Voor mij is het contact met hen pure inspiratie. Mijn drive is altijd geweest om iemand de gelegenheid te geven zijn of haar talent tot uitdrukking te laten komen, zodat je je echt heel voelt als mens. Ik vind het leuk om met de meiden te praten over hun overwegingen bij de keuzes die ze kunnen maken. Esther maakt nu deze opleiding af maar droomt zelfs van de universiteit. Ze is ook naar Ghana geweest om op een school leerlingen met behulp van EHBO-kits zelfs kleine dingen te laten oplossen. Over dat soort projecten brainstorm ik dan vooraf met haar. Ik voel het meer als sparren met professionals dan met studenten. Soms zien we elkaar twee keer in de maand maar het kan ook goed dat ik zes weken niks hoor. Ik zit nooit te pushen, als het nodig is bellen we.
We kennen elkaar dus nu al vier jaar, dan bouw je ook wel echt een relatie op.
Esther schreef me een hele mooie kaart geschreven met wat ik voor haar beteken, zo ontroerend en warm. Maar het contact is er niet omdat zij in een behoefte moeten voorzien. Genegenheid krijg ik van mijn eigen vrienden en familie, onze omgang is gelijkwaardig, ik geniet van hun energie.
Als ik aan Anne-Bo denk, dan krijg ik een heel warm gevoel in mijn hart. De wereld wordt beter met dit soort initiatieven. Mensen kunnen zo negatief praten over immigranten of vluchtelingen, maar als je de verhalen hoort van de studenten bij Stichting Anne-Bo, dan zie je dat zij er juist alles voor over hebben om dit land verder te brengen. Stichting Anne-Bo en haar studenten is het tegengif tegen cynisme en nare verhalen.
