Interview door Esther Goedegebuure
Esra wist al vroeg dat ze iets wil betekenen voor anderen. Maar de weg naar een opleiding was allesbehalve vanzelfsprekend. Via Stichting Anne-Bo ontmoette ze Lieke, haar coach, haar steun en inmiddels een vertrouwd gezicht. In dit interview vertellen Esra en Lieke over hun bijzondere samenwerking, over doorzetten als het zwaar is, en over wat er gebeurt als je het gevoel krijgt dat iemand écht in je gelooft.
Esra:
Als kind heb ik vreselijk veel last gehad van mijn kaak en gebit. Wanneer ik nu iemand tegenkom die kiespijn heeft, kan ik me daarom goed voorstellen wat diegene doormaakt. Zo werkt het ook in het contact met andere studenten die ik via Stichting Anne-Bo ontmoet. Omdat we allemaal van elkaar weten dat we het een en ander meegemaakt hebben en dat het in ons leven niet snel vanzelf gaat, is de afstand tussen ons kleiner. Je voelt je meteen bij elkaar op je gemak, je kunt je identificeren met de ander en daardoor is er snel een klik.
Toen ik op het Caland Lyceum zat, kwam ik in contact met Annemieke. Ze kwam bij mij thuis om kennis te maken met mijn moeder en sprak ook mijn oudere zus, die een hoge studieschuld had. Annemieke stelde me gerust: als ik wilde studeren, zou Stichting Anne-Bo mijn collegegeld kunnen betalen. Dat was zo fijn om te horen. Al snel werd ik gekoppeld aan Lieke, mijn coach. Vanaf de eerste dag deed ze enorm haar best om met me mee te denken en me te steunen in wat ik nodig had. Ze stimuleert me in mijn studie en interesses en stuurt me regelmatig linkjes naar nuttige artikelen of berichtjes met tips.
In de jaren dat ik op de Vavo zat om mijn havodiploma te halen, overleed mijn vader. Daar had ik het zo moeilijk mee dat ik in een depressie raakte. Ik kwam mijn kamer nauwelijks uit en kon het niet opbrengen om naar school te gaan. Zonder de zekerheid dat Annemieke en Lieke achter me stonden, weet ik niet of ik dat diploma ooit had kunnen halen. Ik voelde een verantwoordelijkheid ten opzichte van hen om te presteren. Ik wilde bewijzen dat ik het kon, ook voor mezelf. Het heeft me altijd belangrijk geleken om een opleiding af te maken.
Toen ik 21 werd, ben ik eindelijk op het HBO terechtgekomen. Omdat ik een cultuur en maatschappij profiel had en veel bijbaantjes in de financiële wereld, leek het me logisch om voor een studie boekhouden te kiezen. Maar na het eerste jaar ontdekte ik dat deze studie niet bij me paste. Tijdens mijn werk bij bedrijven als ING of het Pensioenfonds sprak ik vaak ouderen die heel veel moeite hadden met de digitalisering. Soms raakten ze totaal in paniek en ik voelde me altijd geroepen om ze te helpen. Zo merkte ik dat ik aangetrokken werd tot de zorg.
Nu zit ik in het tweede jaar van mijn HBO-V opleiding. Ik loop van maandag tot en met woensdag stage, donderdag en vrijdag ga ik naar college en in het weekend werk ik in het ziekenhuis. Ik was eerst flexwerker op allerlei verschillende afdelingen en nu word ik uitplaatsingscoördinator. Dat betekent dat ik een plek zoek voor patiënten in bijvoorbeeld een verpleegtehuis of revalidatiecentrum, zodat ze de zorg krijgen die bij ze past. Het is heel mooi werk.
Ik droom van een specialisatie in de neonatologie. Ik heb een babynichtje voor wie ik regelmatig zorg en dat doet me zo goed. Ik krijg een heel warm gevoel van het werken met pasgeboren kinderen. Daarom wil ik na mijn bachelor nog een master doen en wie weet wil ik ook nog proberen om Physician Assistant te worden. Dan mag je ook diagnose stellen en kleine ingrepen verrichten.Dankzij Stichting Anne-Bo kan ik al die ambities koesteren. Ik weet dat zij altijd achter me zullen staan. Dankzij het steuntje in de rug dat Stichting Anne-Bo is, heb ik zelfvertrouwen gekregen.
Als ik aan Anne-Bo denk… dan denk ik aan de toekomst. Dankzij Anne-Bo héb ik een toekomst. Er is een netwerk dat me altijd zal stimuleren om mijn dromen waar te maken.

Lieke:
In 2021, toen Annemieke nog maar net begonnen was met Stichting Anne-Bo, hoorde ik haar spreken over haar missie. Ik wist meteen: die vrouw heeft zo’n mooi initiatief, háár wil ik helpen.
Tijdens mijn middelbareschooltijd had ik een beste vriendin die het thuis vanwege financiële en emotionele problemen niet makkelijk had. Op een dag zat ze in een Blijf-van-m’n-lijfhuis. Dat maakte heel veel indruk op me. Ik herinner me ook goed dat ik me toen al had voorgenomen dat ik later iets zou willen doen voor meiden die in zo’n situatie terechtkomen.
Inmiddels coach ik drie meiden, maar Esra ken ik al vanaf het allereerste begin. We ontmoetten elkaar in 2021 toen ze na haar vmbo-diploma naar de Vavo zou gaan. Het was een lastige tijd: haar vader was net overleden en mentaal ging het niet goed met haar. Volwassenenonderwijs vereist heel veel zelfstandigheid en dat was zeker in die covidjaren heel ingewikkeld voor haar. Esra had al sinds haar veertiende bijbaantjes en werkte ook veel om haar moeder te kunnen steunen. Haar moeder was alleenstaand, had nog drie kinderen en het gezin stond in een overlevingsstand.
Ze studeert inmiddels HBO-verpleegkunde en daarnaast werkt ze in het OLVG in Amsterdam. Als ik naar de foto’s kijk uit onze begintijd, zie ik een heel verlegen meisje. Nu is ze een sterke jonge vrouw. Het is prachtig om te zien welke stappen ze heeft gemaakt en hoe ze is opgevrolijkt.
Zelf werk ik als docent Nederlands in het onderwijs en heb ervaring als mentor. Het valt me op dat veel meiden die bij de stichting terechtkomen moeite hebben met hulp vragen. Dat geldt ook voor Esra. Ze is zo gewend om alles altijd zelf uit te zoeken. Ik stimuleer haar daarom altijd net iets extra om ook in haar opleiding steeds om ondersteuning te vragen aan de mensen die daarvoor zijn, zoals een mentor of een decaan. We hebben regelmatig appcontact en ik stuur haar aan het begin van de week altijd even een berichtje. Ik help ook bijvoorbeeld met het opstellen van haar cv of het oefenen van een sollicitatiegesprek.Esra heeft ongelooflijk veel werkervaring. Ze heeft heel veel gewerkt bij de klantenservice van bedrijven als ING, ABP en Amazon en is daarmee buitengewoon
goed in het contact leggen met mensen. Dat komt haar nu in de zorg ook echt van pas.
Via Stichting Anne-Bo ontmoet ik regelmatig meiden van wie het een wonder mag heten dat ze overeind blijven. Sommige hebben sociaal-emotioneel zoveel hindernissen te nemen. Zelf heb ik vier kinderen tussen de 25 en 30 jaar die een heel andere studententijd hebben gehad, omdat ze een andere financiële uitgangspositie hadden en geen eerstegeneratiestudenenten waren.
Het is mooi dat Stichting Anne-Bo bij deze ambitieuze meiden een aantal van die praktische obstakels kan wegnemen. Veel meiden die aan het programma deelnemen hebben geen idee wat er allemaal mogelijk is. Ze zijn ook vaak vol ongeloof als ik vertel dat ze kosten die ze maken voor de studie, zoals een boek of een laptop, mogen declareren. Het feit dat hun collegegeld betaald wordt vinden ze al zoiets groots dat ze dan niet nog meer durven te vragen.
Onlangs was ik met Esra en twee andere meiden die ik coach op het Anne-Bo Festival. Dat zijn van die momenten dat ik echt ontroerd kan raken. Het is in die paar jaar tijd zo’n grote en indrukwekkende beweging geworden. In de eerste zoommeeting waren we met 14 coaches. Nu vormen we samen zo’n gigantisch netwerk. Als je in de appgroep een oproep doet of iemand nog een contact heeft bij een bedrijf of organisatie voor het regelen van een stage, dan heb je binnen de kortste keren een naam. Een serie laptops regelen is nu zoveel eenvoudiger. De stichting heeft een enorm bereik.
Er zijn veel meiden die weliswaar begaafd zijn maar geen netwerk hebben, die de puzzel alleen moeten leggen. In je eentje zijn sommige keuzes te groot om te maken. Als docent en mentor vind ik het altijd mooi om jongeren te laten ontdekken waar hun talenten liggen. Als ze in contact komen met hun passie, raken ze in een flow. Dat zie je ook bij Esra, die in de zorg helemaal thuis is.
Als ik aan Anne-Bo denk… dan denk ik aan vrouwen die er zijn voor andere vrouwen, die elkaar vooruithelpen en samen voor sociale cohesie zorgen die onze samenleving zoveel beter en mooier maakt.”